Steep ramp test

De Steep Ramp Test (SRT) test de maximale inspanning op een geijkte fietsergometer om inzicht te krijgen in de aerobe capaciteit / uithoudingsvermogen. Het is een korte test die bij de meeste deelnemers slechts 2 tot 3 minuten duurt. De belasting wordt tijdens deze test in een korte tijd snel opgevoerd (standaard 25 W per 10 sec.) tot uitputting van de deelnemer. Met het testresultaat kan met een formule een schatting gemaakt van de VO2 max (maximale zuurstofopname) en de Wmax (maximaal inspanningsvermogen) zoals gemeten bij een reguliere maximale inspanningstest (1-3).

 Werkwijze

  1. Voorbereiden: laat de deelnemer plaatsnemen op de fiets.
  2. Geef instructie: na de warming-up gaat de deelnemer fietsen met een snelheid tussen de 70-80 omwentelingen per minuut. Dit geeft een meter op de fiets aan.
  3. Start met de warming-up: 3 minuten onbelast fietsen
  4. Na 3 minuten: verhoog het wattage van 0 naar 25 Watt
  5. Na 10 seconden: verhoog het wattage met 25 naar 50 Watt
  6. Na 20 seconden: verhoog het wattage met 25 naar 75 Watt
  7. Na 30 seconden: verhoog het wattage met 25 naar 100 Wat
  8. Na 40 seconden: verhoog het wattage met 25 naar 125 Watt
  9. en zo door….
  10. Stop als het aantal omwentelingen van de deelnemer lager is dan 60 per minuut
  11. Noteer het maximaal behaalde wattage tijdens de test (WSteepRamp) en bereken de maximale inspanningscapaciteit (Wmax) en de VO2 max in onderstaande berekeningssheet.

Een voorbeeld

De deelnemer kan bij 300W de snelheid van 60 RPM niet meer volhouden. De test wordt gestaakt en de testuitslag is het hoogst behaalde wattage: 275W.

Voor de berekening van de Wmax en de VO2max kan deze berekeningssheet gebruikt worden. De formules die hierin gebruikt zijn:

Wmax = 0,65 * MSEC (275 in dit geval) – 3,88 = 175

Fysiotherapeuten kunnen nu met deze berekende Wmax het trainingsniveau van een deelnemer bepalen. Zo kan een persoon met een coronaire aandoening bijvoorbeeld het advies krijgen om op 50%-60% van de Wmax te gaan trainen.

Daarnaast kan met deze Vmax de VO2max berekend worden door de volgende formule in te vullen:

VO2max (L/min) = 0,0067 * WmaxSteepRamp + 0,3583

In ons geval: VO2max (L/min) = 0,0067 * 174.9 + 0,3583 = 1.53

MSEC = maximum short exercise capacity
Wmax = maximaal inspanningsvermogen (in W)
VO2max = maximale zuurstofopname

De referentiewaarde

Deze VO2max (L/min) kan de fysiotherapeut nu gaan vergelijken met de geschatte VO2max (op basis van lengte, gewicht, leeftijd en geslacht). Gebruik hiervoor de berekeningsmodule. Hier zijn de volgende formules verwerkt:

Mannen : VO2max (L/min) = (0,023 × lengte) + (0,0117 × gewicht) – (0,031 × leeftijd) – 0,332 

Vrouwen: VO2max (L/min)= (0,0158 × lengte) + (0,00899 × gewicht) – (0,027 × leeftijd) + 0,207

Indien de berekende VO2max (op basis van de Wmax) hoger is dan de geschatte VO2max, dan is dit gunstig.

Correctie van de geschatte normwaarde bij overgewicht

Bovengenoemde regressievergelijking voor de VO2max van Fairbarn et al. 1994 is gebaseerd op referentiepopulaties met een normaal lichaamsgewicht (BMI < 25 kg/m2) en houdt geen rekening met (fors) overgewicht. Met name bij vrouwen met een lichaamslengte van minder dan 1,65 m en een BMI >30 kg/m2 ontstaat al gauw een overschatting van de ‘norm’.
Hoewel wetenschappelijk onderzoek hiernaar ontbreekt, zou de geschatte VO2max (op basis van het maximaal geleverde vermogen) beter uitgedrukt kunnen worden per kilogram lichaamsgewicht. De normwaarden voor de VO2max zou men (op theoretische gronden) moeten omrekenen naar een normgewicht uitgaande van een BMI van 23 kg/m2. De ratio tussen beide geeft dan vervolgens een betere inschatting van de relatieve fitheid van de gemeten persoon. Deze aanpassing is doorgevoerd in de berekeningsmodule.