Dit onderdeel duurt 40 minuten
DOEL VAN DIT ONDERDEEL
In dit onderdeel wordt besproken welke soorten koolhydraten er zijn en wat de invloed van de koolhydraten op de bloedglucose is. Dit is een praktisch onderdeel waarin de deelnemers zelf leren te achterhalen hoeveel koolhydraten bepaalde producten bevatten, hiervoor wordt een spel gebruikt. Vervolgens leert de deelnemer zelf keuzes te maken over de hoeveelheid koolhydraten en welke productkeuze past binnen de eigen omgang met voeding en diabetes. De deelnemer leert zelf verantwoordelijkheid te nemen voor het verhogen en verlagen van de bloedglucose middels voeding.
Leerdoelen deelnemers
ROL VAN DE TRAINER
Door het geven van gedoseerde informatie, maar vooral door het stellen van vragen, activeert de trainer de deelnemers om de aangeboden informatie te verwerken. Informatie die op deze wijze wordt verkregen, blijkt beter te worden onthouden en beter bestand tegen de invloed van tegenstrijdige informatie.
Tijdens dit onderdeel stimuleert de trainer de deelnemers om zelf na te denken over de ziekte en een link te leggen met het eigen eetpatroon. Het gaat over hen zelf en hun eigen keuzes. De trainer zorgt ervoor dat hij/zij tijdens de bijeenkomst zo min mogelijk zelf aan het woord is. Hij/zij geeft de deelnemers zoveel mogelijk gelegenheid om zelf dingen te ontdekken. De trainer geeft geen oordeel over de antwoorden van de deelnemers. De trainer heeft een open, geïnteresseerde, empathische houding en zorg voor een veilige sfeer in de groep. De trainer verdeelt zijn/haar aandacht over de deelnemers.
INHOUD
Dit onderdeel gaat over het koolhydraten, waar ze in zitten, in welke hoeveelheden, welke nodig zijn voor het lichaam en welke niet, het verschil in opnamesnelheid, de invloed op de bloedglucose, de eigen mogelijkheid om te letten op koolhydraten in hoeveelheden, soort en eetmoment om de bloedglucose te reguleren.
VOORBEREIDING
Voor het koolhydraatspel zijn dummies nodig (zie voor een lijst van voedingsmiddelen later in dit hoofdstuk). Het gaat om lege verpakkingen maar ook om dummies van bijvoorbeeld fruit, groenten of brood. Deze dummies zijn te verkrijgen via internet en speelgoedwinkels. Zorg dat er genoeg suikerklontjes zijn (witte lego-blokjes lenen zich goed omdat ze niet vies worden of afbrokkelen). Zorg ook dat er een eettabel van het Voedingscentrum aanwezig is, zodat voedingsmiddelen zonder verpakkingen kunnen worden nagezocht. Zorg dat er voldoende flapovers en stiften zijn. Zorg voor tape, plakkers of magneten om de flapovers in de ruimte op te kunnen hangen.
Welke voedingsmiddelen kent u die bestaan uit koolhydraten?
Denk vooral ook aan de dingen die uzelf eet.
Noteer de antwoorden op een flap-over ‘koolhydraten’ en maak al een onderverdeling in zetmeel, fruit, melkproducten, suiker en weinig koolhydraten. Gebruik daarbij de woorden die door de groep genoemd worden. bespreek als alle belangrijke voedingsmiddelen zijn genoemd de verschillende groepen en zet de namen erbij.
Zetmeel aardappelen rijst / pasta brood bonen
Suiker bevattende producten frisdrank koek snoep gebak
Weinig/geen koolhydraten Groenten Vis Vlees Kip Ei Kaas Olie boter |
Fruitsuikers al het fruit vruchtensap
Melkproducten (karne)melk yoghurt vla |
Wat is nou precies het verschil tussen koolhydraten en calorieën? Koolhydraten bestaan uit glucose moleculen. ze leveren dus energie voor het lichaam en hebben invloed op de bloedglucose. als je te veel koolhydraten eet, hebben ze ook invloed op het gewicht.
Calorieën is de maat die aangeeft hoeveel energie er in een voedingsmiddel zit. Deze energie komt niet alleen uit koolhydraten maar ook uit vetten, en mindere mate ook eiwitten en alcohol. Calorieën hebben dus invloed op het gewicht.
Welk effect hebben koolhydraten op de bloedglucosewaarden?
Ze verhogen de bloedglucosewaarden.
Wat gebeurt er wanneer u minder koolhydraten eet?
Geef uitleg: koolhydraten verhogen weliswaar de bloedglucose, maar zijn ook heel gezond. De meeste voedingsmiddelen die genoemd zijn, kunnen we niet missen, ze bevatten waardevolle voedingsstoffen en leveren energie.
Welke koolhydraten kunnen we wel missen?
Vooral suiker en op aardappelen en brood kan mogelijk ook worden bezuinigd.
Wat zijn de voor- en nadelen van een streng koolhydraatbeperkt dieet?
Bespreek dat er nu een trend is om sterk koolhydraat beperkt te eten. Dit heeft vaak een enorm effect op de bloedglucosewaarden. Bij mensen die insuline gebruiken kan dit ervoor zorgen dat ze veel minder insuline nodig hebben. Bespreek ook dat het vaak moeilijk is om vol te houden en dat er op langere termijn tekorten kunnen ontstaan.
Denkt u dat het voor de bloedglucosewaarde uitmaakt welk soort koolhydraten u eet?
Benadruk dat voedingsmiddelen die alléén uit koolhydraten bestaan en vloeibare voedings- middelen, een snellere stijging van de bloedglucose tot gevolg hebben.
In welke speciale situatie kan dit juist nuttig zijn?
Bij een hypo. Dan is het juist nodig dat de bloedglucose snel weer stijgt.
Hoe komt u erachter, welk effect de verschillende dingen die u eet, hebben op uw bloedglucose?
Bespreek hoe zelfcontrole van de bloedglucose en het experimenteren met verschillende voedingsmiddelen, nuttig kan zijn om na te gaan wat de invloed van voeding op de bloedglucose is.
Zet de verschillende voedingsmiddelen neer.
Leg uit dat het de bedoeling is dat de groep met behulp van suikerklontjes (witte lego- blokjes) aangeeft hoeveel koolhydraten de verschillende voedingsmiddelen per portie bevatten.
Vraag de deelnemers om naast ieder voedingsmiddelen de, naar hun mening, juiste hoeveelheid suiker- klontjes neer te leggen, afgerond op hele klontjes (1 suikerklontje = 5 gram koolhydraten). Leg uit dat ze de informatie kunnen vinden op de verpakking of in de Eettabel.
nb: Van de voedingsmiddelen zijn, voor zover mogelijk, verpakkingen aanwezig waarbij de hoeveelheid koolhydraten op het etiket vermeld is. Daarnaast is een Eettabel aanwezig.
Nabespreking
Bespreek daarna met de groep de verschillende productgroepen. bespreek in ieder geval de volgende onderwerpen:
De warme maaltijd, het verschil tussen aardappels, rijst en pasta.
Een boterham in verhouding tot biscuit, koek, ontbijtkoek, andere broodvervangers. Fruit en vruchtensap.
Melkdranken, gewone melk versus drinkyoghurt met of zonder toegevoegd suiker
Dranken, light frisdrank, gewone frisdrank, light vruchtensap, vruchtensap zonder toegevoegd suiker. Welke voedingsmiddelen en dranken veel koolhydraten bevatten en wat koolhydraatarme alternatieven zijn.
Hoeveel er van bepaalde voedingsmiddelen/dranken wordt gebruikt/genomen Hoe vaak bepaalde voedingsmiddelen/dranken worden gebruikt.
product | eenheid | koolhydraten (totaal in gram) | suikerklontjes (5 gram/blokje) |
cola | 1 flesje van 500 ml | 50 | 10 |
cola light | 1 flesje van 500 ml | 0 | 0 |
|
|
|
|
ice tea | 1 blikje van 333 ml | 29 | 6 |
crystal Clear | 1 groot glas | 0 | 0 |
sinaasappelsap | 1 glas van 200 ml | 18 | 4 |
coolbest light | 1 glas van 200 ml | 14 | 3 |
|
|
|
|
halfvolle melk | 1 beker van 250 ml | 12 | 2 |
vitamel drink (met suiker) | 1 beker van 250 ml | 30 | 6 |
optimel drink (zonder suiker) | 1 beker van 250 ml | 11 | 2 |
|
|
|
|
banaan | 100 gram | 20 | 4 |
sinaasappel | 120 gram | 13 | 3 |
druiven | 40 stuks | 60 | 12 |
|
|
|
|
sultana | pakje van 3 stuks | 33 | 7 |
broodje | 50 gram | 23 | 5 |
snee brood | 35 gram | 16 | 3 |
1 portie aardappelen | 150 gram gekookt 3 stuks | 24 | 5 |
1 portie pasta | 150 gram gekookt 3 opscheplepels | 30 | 6 |
1 portie rijst | 150 gram gekookt 3 opscheplepels | 50 | 10 |
Maak de invloed van koolhydraten op de bloedglucose duidelijk in de vorm van een grafiek.
Bij mensen die geen diabetes hebben, is de situatie als volgt.
Teken de onderste lijn. Leg uit dat de verticale as staat voor de hoogte van de bloedglucose en de horizontale as 1 dag voorstelt met 3 hoofdmaaltijden en 3 tussendoortjes.

Wat is er anders bij mensen met diabetes als je op deze manier de bloedglucose tekent?
De curve is hoger en de stijging na het eten van koolhydraten is groter.
Wat gebeurt er als je meet na de maaltijd?
Na de maaltijd stijgen de waarden verder door. Er zitten meer (en sterkere) pieken in de bloedglucose na het eten bij diabetes. Over de hele linie zijn de bloedglucosewaardes ook hoger, ook nuchter of net voor de maaltijd.
Is bij u de bloedglucose door de dokter nuchter gemeten? Vaak wordt de diagnose gesteld op basis van een verhoogde nuchtere bloedglucosewaarde.
Nu kun je de andere diabetesgrafiek tekenen.
Wat kun je doen om die sterke pieken eruit te krijgen?
Minder grote maaltijden. Minder snelle koolhydraten. Verdelen van de koolhydraten over de dag.
Geef een samenvatting van de bevindingen in het koolhydratenspel, gebruik hierbij de flap- over ‘koolhydraten’.
Voedingsmiddelen en maaltijden die veel koolhydraten bevatten, zorgen voor een grote stijging van de bloedglucose.
Geef aan welke voedingsmiddelen relatief veel koolhydraten bevatten en wat alternatieven met minder koolhydraten zijn.
Etiketten en de voedingswaardetabel kunnen een hulpmiddel zijn om de hoeveelheid koolhydraten van een voedingsmiddel te bepalen. Door middel van zelfcontrole van de bloedglucose kan worden nagegaan wat de invloed van verschillende soorten en hoeveelheden koolhydraten is op de bloedglucose.
Wat zou kunnen helpen om de grafiek in zijn geheel naar beneden te helpen?
Insulineresistentie verminderen. Dit kan door de middelomvang te verlagen en af te vallen. Herinner deelnemers nog eens aan de invloed van overgewicht rond het middel op insulineresistentie, het roestig worden van de sloten. De grafiek wordt daardoor in zijn geheel te hoog. De onderliggende insulineresistentie is dus vaak het werkelijke probleem, het is misleidend om alleen te focussen op koolhydraten.