Diabetes type 2

Duur van dit onderdeel: Dit onderdeel duurt 30 minuten.

Doel van dit onderdeel

In dit onderdeel wordt de theorie behandeld. Deze basiskennis is nodig om te snappen waarom behandeling of aanpassing van leefstijl wenselijk is. Eerst wordt de gezonde werking van het lichaam toegelicht (fysiologie) en daarna wat er mis gaat bij diabetes (pathologie of pathofysiologie).

 

Leerdoelen deelnemers

  1. De deelnemers kunnen uitleggen wat glucose doet in het lichaam, hoe er glucose in het lichaam komt en hoe het wordt verwerkt.
  2. De deelnemers kunnen uitleggen wat er misgaat bij diabetes, welk probleem in het lichaam optreedt en met welke gevolgen.
  3. De deelnemer heeft inzicht in het ontstaan van zijn eigen symptomen en kan benoemen hoe deze symptomen in verband staan met diabetes.

 

Rol van de trainer

Door het geven van gedoseerde informatie, maar vooral door het stellen van open vragen, activeert de trainer de deelnemers om de aangeboden informatie te verwerken. Informatie die op deze wijze wordt verkregen, blijkt beter te worden onthouden en beter bestand tegen de invloed van tegenstrijdige informatie. Deze aanpak geeft de deelnemers bepaalde principes mee waarmee nieuwe informatie kan worden onderzocht en getest. Het maakt het ook moeilijker om de informatie weg te rationaliseren als ‘niet van toepassing op mij’.

Tijdens dit onderdeel stimuleert de trainer de deelnemers om zelf na te denken over de diabetes en een link te leggen met hun eigen verhaal. Het gaat over hun zelf.

 

Inhoud

Dit hoofdstuk gaat over de werking van het lichaam in gezondheid en bij ziekte (fysiologie en pathologie voor de doelgroep). Het maken van een tekening helpt hierbij. Deze tekening is een belangrijke kapstok voor de cursus; gedurende de cursus kan er steeds worden verwezen naar de tekening.

 

Voorbereiding

Zorg dat er voldoende flapovers en stiften zijn. Zorg voor tape, plakkers of magneten om de flapovers in de ruimte op te kunnen hangen.

 

Dit is een voorbeeld van de wijze waarop u de inhoud kunt overbrengen. Als u het verhaal liever op een andere manier vertelt, is dat ook goed, zolang de inhoud in grote lijnen hetzelfde blijft en uw verhaal geen ‘schools’ karakter krijgt. Wel dienen alle flapovers gemaakt te worden ter voorbereiding op het actieplan. Het belangrijkste is de informatie over te brengen en de groep daarbij zoveel mogelijk zelf aan het woord te laten, zonder een waardeoordeel te geven.

 

Draaiboek

Vertel in uw eigen woorden dat het de bedoeling is, dat deelnemers in dit onderdeel er achter komen wat diabetes is.

Glucose metabolisme

Om bij het begin te beginnen: bij diabetes is de bloedglucose hoog, doordat het lichaam de glucosewaarden niet goed binnen bepaalde grenzen kan houden. Maar wat is glucose en wat doet glucose? Glucose is een soort suiker. bij diabetes spreken we niet over suiker, maar over glucose. Glucose dient als brandstof voor lichaamscellen.

Hoe komt die glucose in het lichaam? Blijf vragen stellen en denk met de groep mee, tot zij zelf ‘eten’ noemen. Op dit punt kunt u beginnen met het tekenen van de overzichtstekening. teken voedsel (bijvoorbeeld een appel of boterham) bovenaan. Vertel wat u aan het doen bent: ik maak nu een tekening waarop te zien is hoe glucose gebruikt wordt in het lichaam bij mensen die geen diabetes hebben en daarna hoe het gaat als je diabetes hebt.

Waar gaat het voedsel heen dat u eet?

Het komt in uw maag en in de darmen waar het verteerd wordt en het voedsel wordt afgebroken tot verschillende stoffen. teken een maag met een pijl van het voedsel naar de maag. eén van de stoffen waarin voeding wordt afgebroken is glucose.

Waar gaat die glucose heen?

Ja, precies, de glucose wordt dan in de darmen opgenomen in het bloed.

Teken in het diagram een bloedvat (een buisje) en wat glucose (bijvoorbeeld in de vorm van suikerklontjes). Teken een pijl van de darm naar het bloedvat.

Wat gebeurt er met de glucose wanneer die in uw bloed zit?

Dat zijn eigenlijk twee dingen. Dit is soms moeilijk voor de groep. probeer hen naar de twee volgende zaken te leiden.

  1. een deel van de glucose wordt opgeslagen in de lever. Deze glucose komt later vrij, zowel overdag als ’s nachts, zodat uw lichaam altijd wat glucose voorraad heeft als brandstof. teken de lever, met een pijl van de bloedvaten naar de lever en een andere pijl van de lever naar de bloedvaten. teken wat glucose in de lever. Voor de duidelijkheid kunt u de tweede lijn gestreept maken of in een andere kleur. 
  1. De rest, de glucose die niet wordt opgeslagen, wordt door het bloed naar de verschillende cellen in het lichaam gebracht, waar het als brandstof dient.

 

De vraag is: hoe komt de glucose van het bloed in de cel?

Teken een paar cellen naast het bloedvat in de overzichtstekening.

 

Stelt u zich voor dat deze kamer de cel is en u bent de glucose. Hoe bent U Hier binnen

gekomen? Meestal wordt gezegd: door de deur.

Toen u hier kwam, stond de deur open. Waarom staat de deur niet altijd open?

Stel vragen zodat de groep met antwoorden komt als: er komen mensen binnen die er niet horen te zijn (verstoren de groep, stelen iets), het tocht/wordt koud als de deur openstaat, etc. Om die dingen te voorkomen is de deur meestal op slot. Dat geldt ook voor de cellen in ons lichaam. De deuren waardoor glucose in de cel komt zijn meestal op slot. Teken een hangslot op de cel.

 

Wat is er dus nodig?

Stel vragen tot deelnemers komen met ‘de sleutel’.

 

Vraag de groep wat zij denken dat als sleutel kan dienen. (Meestal wordt ‘insuline’ genoemd). Waar komt die insuline vandaan? Bepaalde cellen in de pancreas (de bètacellen of eilandjes van Langerhans, dit alleen vermelden als dit al door de groep genoemd is) maken sleutels die de deuren van uw cellen kunnen openmaken om glucose binnen te laten. Deze sleutels worden insuline genoemd. een ander woord voor pancreas is alvleesklier.

Teken de pancreas en een paar sleutels in de pancreas, een paar in het bloedvat en een paar sleutels in de zijkant van een cel. teken ook wat glucose in de cel.

Wat gebeurt er tenslotte met de glucose wanneer die in de cel komt? Ja, die wordt verbrand en gebruikt voor energie. Teken een plaatje van iemand die een bepaalde activiteit onderneemt, om aan te geven dat hij of zij actief is en brandstof verbruikt, met een pijl van de cel naar deze activiteit. Ga na of iedereen dit begrijpt.

 

Het lichaam kan niet goed tegen teveel of te weinig glucose in het bloed. Het houdt de bloedglucose spiegel voortdurend in de gaten en zorgt dat er meer glucose uit de lever vrijkomt als de bloedglucose spiegel te laag is of meer insuline wordt gemaakt als de bloed- glucose te hoog is. Het lichaam zorgt er voor dat de bloedglucose tussen de 4 en 7 mmol per liter blijft. Over die getallen zullen we het later nog hebben.

schrijf die waarden bij de tekening.

 

Wat gaat er mis bij diabetes?

 

Diabetes is onder te verdelen in twee hoofdgroepen. Weet iemand wat die groepen zijn?

type 1 en type 2 diabetes. ze staan ook wel bekend als insulineafhankelijke en niet

insulineafhankelijke diabetes of jeugddiabetes en ouderdomsdiabetes, maar tegenwoordig spreken we van type 1 en type 2 diabetes. We hebben gezien wat er gebeurt bij iemand die geen diabetes heeft. U heeft allemaal type 2 diabetes. Weet iemand wat het verschil is met type 1 diabetes? bij type 1 diabetes werkt een deel van de pancreas niet meer en wordt er helemaal geen insuline meer gemaakt (wijs aan in de tekening). Mensen met type 1 diabetes hebben daarom altijd insuline nodig.

 

Wat gebeurt er bij iemand met type 2 diabetes in het lichaam?

Maak gebruik van de juiste informatie wanneer iemand met een juist antwoord komt. als mensen met suggesties komen die niet helemaal goed zijn, probeer ze dan naar het juiste antwoord te leiden (bijv.: ‘goed, er zit teveel glucose in het bloed, waardoor denkt u dat dat komt?’). Gebruik de tekening. Maak gebruik van hetgeen al is opgeschreven bij ”Mijn eigen verhaal”. Noem dit in geen geval ‘lichte’ diabetes of ‘een beetje suiker’ of een andere term die suggereert dat type 2 een minder ernstige vorm van diabetes is.

Het belangrijkste probleem bij type 2 diabetes is dat het lichaam resistent wordt tegen de insuline die wordt geproduceerd. U kunt zich dat bijvoorbeeld voorstellen als sloten die het niet meer goed doen. ze zijn stroef en roestig geworden. Dit houdt in dat de insuline die u produceert zijn werk niet meer goed kan doen. Wijs dit aan op de tekening.

 

Waardoor kan insuline resistentie ontstaan?

Insulineresistentie kan ontstaan door overgewicht. Vooral wanneer er veel lichaamsvet rondom het middel zit, neemt insulineresistentie toe. De cellen worden als het ware geblokkeerd door het vele vet in het lichaam, hierdoor kunnen de cellen de glucose niet goed opnemen. Schrijf het woord insulineresistentie in de tekening.

 

Als de insuline niet goed zijn werk kan doen, wat gebeurt er dan met de bloedglucose spiegel? Precies, die stijgt.

 

Wat doet het lichaam om dat op te lossen/om te voorkomen dat de glucose stijgt?

Moedig deelnemers aan met antwoorden te komen. blijf vragen stellen tot iemand opmerkt ‘meer insuline maken’. Ja, omdat de insuline die u maakt meer moeite moet doen om de sloten open te krijgen, maakt het lichaam meer insuline. Wanneer de insulinefabriek (de pancreas of alvleesklier) dat vol kan houden, blijft uw bloedglucose precies op het niveau dat uw lichaam prettig vindt. Teken de fabriek met sleutels.

 

Maar wat gebeurt er met u, als u iedere dag overuren moet maken?

Ja, u wordt moe, u presteert niet meer zo best op uw werk en bent uiteindelijk tot steeds minder in staat. Dat is precies wat er gebeurt bij type 2 diabetes. Doordat de pancreas extra hard moet werken om meer insuline te produceren, raakt hij uitgeput en kan niet meer voldoen aan de insulinebehoefte van het lichaam.

 

Oorzaken van diabetes

Waardoor kan diabetes worden veroorzaakt? Grijp terug op het eigen verhaal. Loop de oorzaken die daar zijn genoemd door en kijk of alles klopt. Vul de oorzaken aan. benoem in ieder geval overgewicht en lichaamsvorm, leeftijd, familiair/genetisch, bepaalde bevolkingsgroepen, prednisongebruik, zwangerschapsdiabetes gehad. Schrijf de oorzaken op een flap-over.

 

Symptomen van diabetes

Heeft dit u geholpen om te begrijpen wat er aan de hand is bij diabetes? Kijk de groep rond om na te gaan of iedereen het begrepen heeft. beantwoord eventuele vragen en leg het zo nodig nog een keer uit. Hang een flap-over op met “Symptomen van te hoge bloedglucosewaarden” als titel. Maar wat heeft dit nu met u te maken? We hebben gezien dat het lichaam de bloedglucose het liefst binnen bepaalde grenzen houdt.

Gebruik in dit onderdeel de symptomen die zijn genoemd bij het eigen verhaal.

 

Als er teveel glucose in uw bloed zou zitten, hoe raakt uw lichaam dat dan kwijt?

Als de glucose in uw lichaam te hoog is probeert uw lichaam die kwijt te raken. Hoe kan het lichaam dat doen? Dan plast het de glucose uit. Dit begint wanneer de bloedglucose hoger is dan 10 mmol per liter (hoewel dit getal voor sommige mensen iets kan afwijken). Dit houdt in dat u meer plast dan gewoonlijk – mensen merken dit ’s nachts meestal het eerst op.

 

Als u veel zou plassen, wat gebeurt er dan in uw lichaam?

Ja, u droogt uit, er is te weinig vocht in uw lichaam. U krijgt dorst, u krijgt waarschijnlijk een droge mond en zal meer gaan drinken. soms denken mensen dat je meer plast omdat je meer drinkt. bij diabetes is het net andersom: je drinkt meer omdat je meer plast om de glucose kwijt te raken. Dus wanneer de diabetes niet goed is gereguleerd, plast u meer, heeft u een droge mond, heeft u dorst en drinkt u meer.

 

Als de glucose niet in de cellen komt en deze niet van brandstof worden voorzien, hoe zou U zich dan voelen?

Ja, u voelt zich moe en uitgeput doordat de energie uit uw eten niet komt waar het nodig is. Daardoor voelt u zich moe en uw cellen gaan hun eigen energiereserves aanspreken, waardoor u misschien wat afvalt.

 

Welke andere symptomen hebben mensen wanneer de bloedglucose spiegel te hoog is?

Infecties gedijen goed bij hoge bloedglucosewaarden, de bacteriën of ‘beestjes’ leven van de glucose. Er ontstaan dus gemakkelijk infecties als iemand ‘wazig zien’ noemt, leg dan uit dat dit klopt. Vraag door of dit tijdelijk is of blijvend. bij hoge bloedglucosewaarden wordt de lens vervormd waardoor je wazig kan zien. Dit verdwijnt zodra de bloedglucose weer goed is. er zijn ook problemen aan de ogen die op langere termijn kunnen ontstaan. Daar gaan we volgende keer op in. Als andere symptomen genoemd worden, vraag dan na wat mensen precies bedoelen en waarom ze denken dat deze veroorzaakt worden door een hoge bloedglucose. Leg uit dat mensen vaak een groot aantal symptomen noemen waarvan zij denken dat die met diabetes te maken hebben, maar dat dat niet altijd zo hoeft te zijn.

na dit besproken te hebben moeten in ieder geval de volgende zaken op de flap-over staan –de volgorde maakt niet uit:

 

Symptomen hoge bloedglucosewaarden

  1. Vaak plassen
  2. Dorst
  3. Weinig energie / moe
  4. Gewichtsverlies
  5. infecties
  6. jeuk (schaamstreek)
  7. Wazig zien

 

Als u een bepaalde klacht heeft waarvan u niet weet of het met diabetes te maken heeft, hoe zou u er dan achter kunnen komen of dat zo is en of u er wat aan kunt doen?

Vraag aan de dokter, praktijkondersteuner, diabetesverpleegkundige, er over lezen, etc.