Optimaliseren van fysiek herstel na oncologische chirurgie

Een effectieve geïntegreerde voeding- en beweegbehandeling

Op 5 februari verdedigde Marijke de Leeuwerk haar proefschrift Optimizing Physical Recovery After Oncological Surgery: A blended physical activity and nutrition intervention.
Op deze pagina kun je haar lekenpraatje en de verdediging bekijken, en de samenvatting van het lekenpraatje lezen.

Over voeding, beweging en begeleiding op afstand

Na een grote kankeroperatie begint voor patiënten een intensieve periode van herstel. Niet in het ziekenhuis, maar juist thuis. In het OPRAH onderzoek is onderzocht hoe patiënten in die kwetsbare fase beter ondersteund kunnen worden, met als doel een sneller en beter herstel van het lichamelijk functioneren.

Het onderzoek is uitgevoerd bij patiënten die een grote operatie ondergingen vanwege kanker aan de longen, slokdarm, maag, lever, alvleesklier of darmen. Bij deze vormen van kanker is een ingrijpende operatie vaak noodzakelijk voor genezing. Zo’n operatie vraagt veel van het lichaam én van de mentale veerkracht van patiënten.

Herstel stopt niet bij ontslag uit het ziekenhuis

We weten uit eerder onderzoek dat het lichamelijk functioneren na dit soort operaties sterk achteruitgaat. Dagelijkse activiteiten zoals traplopen, boodschappen doen of een stukje wandelen worden ineens moeilijk. Vermoeidheid is een veelvoorkomende klacht. Drie tot zes maanden na de operatie is een groot deel van de patiënten nog niet volledig hersteld.

Een belangrijke oorzaak van deze achteruitgang is het verlies van spiermassa en spierkracht na de operatie. Twee factoren spelen daarom een cruciale rol in het herstel:

  • Voeding, en dan met name voldoende eiwitinname, als bouwstof voor spieren
  • Beweging, om die eiwitten daadwerkelijk om te zetten in spiermassa en functionele kracht

Juist in de periode rondom een operatie zijn voeding en beweging extra belangrijk. Tegelijkertijd is dit precies de fase waarin patiënten hier vaak moeite mee hebben.

Een gat in de zorg, precies waar herstel plaatsvindt

Tijdens de ziekenhuisopname is de begeleiding intensief. Verpleegkundigen, fysiotherapeuten en diëtisten ondersteunen patiënten dagelijks. Maar na ontslag valt deze begeleiding grotendeels weg, terwijl het grootste deel van het herstel juist thuis plaatsvindt.

Veel patiënten blijven in die periode achter met onzekerheid:

Herstel ik wel zoals het zou moeten? Doe ik genoeg? En kom ik weer terug op mijn oude niveau?

Er is dus behoefte aan ondersteuning die richting geeft, vertrouwen biedt en patiënten helpt om actief met hun herstel aan de slag te gaan — zonder de zorg onnodig te belasten.

In dit proefschrift werd daarom de OPRAH-interventie ontwikkeld: Optimal Physical Recovery After Hospitalization.

OPRAH is een zogenoemde blended interventie: een combinatie van digitale ondersteuning en coaching door zorgprofessionals. Begeleiding op afstand, ondersteund door technologie, vormt de kern.

Patiënten gebruiken een app die gekoppeld is aan een beweegsensor. In de app houden zij hun dagelijkse beweging en eiwitinname bij. Ze starten ongeveer één week vóór de operatie, met als doel om na de operatie stap voor stap terug te keren naar hun niveau van vóór de operatie.

Samen met een fysiotherapeut en diëtist stellen patiënten persoonlijke doelen op voor beweging en voeding. Via de app kunnen zij vragen stellen, terwijl zorgverleners het herstel op afstand volgen en contact opnemen wanneer dat nodig is. Zo krijgen patiënten houvast, zonder dat continue fysieke begeleiding nodig is.

Stap voor stap onderzocht

Het promotieonderzoek bestond uit vier opeenvolgende stappen, die samen de hoofdstukken van het proefschrift vormen.

1. Ontwikkeling van de interventie

Allereerst werd een systematische literatuurstudie uitgevoerd naar eerdere onderzoeken die beweegsensoren gebruikten rondom ziekenhuisopnames. Deze studies lieten zien dat beweegsensoren patiënten stimuleren om meer te bewegen, mits de interventie:

  • zowel tijdens als na de opname wordt ingezet
  • wordt ondersteund door coaching van een zorgprofessional
  • aandacht heeft voor gedragsverandering

Op basis van deze inzichten, en in nauwe samenwerking met fysiotherapeuten, diëtisten, chirurgen en onderzoekers, werd de OPRAH-interventie ontwikkeld.

2. Haalbaarheid en gebruikservaringen

In de tweede stap werd onderzocht of de interventie haalbaar en gebruiksvriendelijk was. Hoe ervaarden patiënten het gebruik van de app en de sensor? En was de interventie praktisch uitvoerbaar voor fysiotherapeuten en diëtisten?

De ervaringen waren overwegend positief. Wel gaven patiënten aan dat de voedingsregistratie verbeterd kon worden. Op basis van deze feedback werd de eiwitmonitoring in de app uitgebreid, voordat werd doorgegaan naar de effectevaluatie.

3. Effect op herstel na de operatie

Vervolgens werd onderzocht of de OPRAH-interventie daadwerkelijk leidt tot beter herstel.

In totaal namen 163 patiënten deel aan een gecontroleerde studie. De ene groep ontving naast de gebruikelijke zorg ook de OPRAH-interventie, de andere groep kreeg alleen standaardzorg. Het herstel werd gevolgd vanaf één week vóór de operatie tot zes maanden na ontslag, met metingen op vijf momenten na thuiskomst. Omdat ziekenhuisbezoek in deze periode belastend is, vonden veel metingen bij patiënten thuis plaats.

De resultaten laten zien dat de OPRAH-interventie bijdraagt aan een sneller en beter herstel van het lichamelijk functioneren. Patiënten in de interventiegroep herstelden sneller naar een normaal functioneringsniveau. Daarnaast:

  • bewogen zij meer

  • haalden zij vaker hun eiwitbehoefte

  • ervaarden zij minder vermoeidheid en pijn

Ook werden positieve effecten gezien op spierkracht, participatie, zelfvertrouwen en het ervaren gevoel van herstel. Niet op alle uitkomsten werd een verschil gevonden, zoals spiermassa, sommige functionele testen en heropnames.

4. Op weg naar implementatie in de praktijk

Tot slot werd onderzocht hoe de interventie in de dagelijkse zorg kan worden toegepast. Daarbij werd gekeken of OPRAH werd uitgevoerd zoals bedoeld en welke factoren succesvolle uitvoering bevorderden of belemmerden.

Fysiotherapeuten en diëtisten hielden zich goed aan het protocol, maar gaven aan dat het soms uitdagend was om de interventie in te passen in hun dagelijkse werkzaamheden. Dit onderstreept dat succesvolle implementatie meer vraagt dan alleen een effectieve interventie.

Reflectie en toekomst

Hoewel de resultaten veelbelovend zijn, zijn er ook duidelijke uitdagingen. Structurele financiering is noodzakelijk voor brede implementatie. Daarnaast lijkt de interventie vooral aan te sluiten bij middelbaar en hoogopgeleide patiënten, terwijl patiënten met een migratieachtergrond nog onvoldoende worden bereikt. Ook is de vraag of deze vorm van begeleiding geschikt is voor álle patiënten.

Deze vragen vormen de basis voor vervolgonderzoek. In een postdoctoraal project wordt verder gewerkt aan het verbeteren, verbreden en duurzaam implementeren van ondersteuning voor patiënten in hun herstel na grote kankerchirurgie.