Gezond Verder

Hoe lukt het mensen om gezond gedrag vol te houden nadat een Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) is afgelopen? Dat staat centraal in het project Gezond Verder. Onderzoekers werken hierin samen met GLI-deelnemers, leefstijlcoaches, fysiotherapeuten, oefentherapeuten, diëtisten en kennis- en beroepsorganisaties.

Het project onderzoekt hoe het na afloop van een GLI gaat met deelnemers, wat hen helpt of belemmert en welke ondersteuning zij en hun begeleiders nodig hebben. Deze kennis is gebruikt om bestaande hulpmiddelen te beoordelen en nieuwe ondersteuning te ontwikkelen.

Een belangrijk resultaat is de Herpak’kit: een gesprekstool voor leefstijlprofessionals en GLI-deelnemers. De tool helpt deelnemers om tijdig te herkennen wanneer gezond gedrag onder druk staat en te bepalen wat nodig is om de draad weer op te pakken. De Herpak’kit wordt toegevoegd aan de eCoachGids, een platform met digitale hulpmiddelen voor gedragsverandering.

Gezond Verder is een SIA-RAAK-project onder leiding van Hogeschool Utrecht. Het project loopt tot en met 30 september 2026.

Waarom dit project?

In Nederland hebben ongeveer acht miljoen mensen één of meer chronische aandoeningen. Een deel van deze aandoeningen hangt samen met factoren zoals voeding, beweging, slaap, stress, roken en alcoholgebruik. Een gezondere leefstijl kan bijdragen aan het voorkomen van chronische aandoeningen en aan een betere gezondheid en kwaliteit van leven.

Mensen met overgewicht kunnen deelnemen aan een tweejarige Gecombineerde Leefstijlinterventie. Zij werken onder begeleiding aan gezonder eten, meer bewegen en blijvende gedragsverandering. Tijdens het programma is professionele begeleiding beschikbaar. Na afronding moeten deelnemers het veranderde gedrag steeds meer zelfstandig inpassen in hun dagelijks leven. Juist dan kunnen bijvoorbeeld stress, vermoeidheid, lichamelijke klachten, drukte of het wegvallen van structuur het volhouden moeilijk maken.

Er zijn veel hulpmiddelen beschikbaar om gezond gedrag te ondersteunen. Toch ontbreekt het professionals vaak aan overzicht en aan praktische aanknopingspunten voor de periode na een GLI. Ook is nog onvoldoende bekend welke ondersteuning aansluit bij de ervaringen en behoeften van voormalige deelnemers.

Gezond Verder brengt daarom in kaart wat er na een GLI gebeurt, welke factoren deelnemers helpen om gezond gedrag vol te houden en welke ondersteuning zij en GLI-aanbieders nodig hebben. De uitkomsten worden gebruikt om de eCoachGids verder te ontwikkelen en professionals beter toe te rusten voor de onderhoudsfase na een GLI.

Wat is onderzocht en ontwikkeld?

Gezond Verder bestaat uit drie samenhangende onderzoekslijnen. In alle onderdelen werkten onderzoekers samen met GLI-deelnemers, leefstijlprofessionals en kennis- en beroepsorganisaties.

1. Wat gebeurt er na afloop van een GLI?

In een prospectief cohortonderzoek zijn volwassenen gedurende de eerste negen maanden na afronding van een tweejarige GLI gevolgd. Direct na afloop en na drie, zes en negen maanden vulden zij vragenlijsten in over onder meer hun gezondheid, leefstijl en kwaliteit van leven. Ook is gevraagd welke factoren hen hielpen om veranderingen in hun leefstijl vol te houden.

Daarnaast zijn interviews en focusgroepen gehouden met voormalige GLI-deelnemers en GLI-aanbieders. Hiermee is onderzocht:

  • wat het volhouden van gezond gedrag na een GLI makkelijker of moeilijker maakt;
  • aan welke ondersteuning deelnemers behoefte hebben;
  • wat professionals nodig hebben om deelnemers ook in de onderhoudsfase goed te begeleiden.

2. Welke aanpak helpt om gezond gedrag vol te houden?

De ervaringen van deelnemers en professionals zijn gekoppeld aan wetenschappelijke kennis over gedragsbehoud. Daarbij is gebruikgemaakt van het Multi-Process Action Control-model, kortweg M-PAC. Dit model beschrijft hoe bewuste afwegingen, zelfregulatie, gewoonten en identiteit samen van invloed zijn op het beginnen én volhouden van gedrag.

Ook is geïnventariseerd welke bestaande hulpmiddelen GLI-aanbieders gebruiken. Deze inventarisatie is aangevuld met kennis van onder andere het Voedingscentrum, Kenniscentrum Sport & Bewegen en leefstijlcoaches. Daarnaast is een methode ontwikkeld waarmee onderzoekers en kennisorganisaties hulpmiddelen voor leefstijlverandering kunnen beoordelen.

3. Ontwikkeling van de Herpak’kit

De onderzoeksresultaten zijn gebruikt voor de ontwikkeling van de Herpak’kit. Dit gebeurde in co-creatie met voormalige GLI-deelnemers, leefstijlprofessionals, projectpartners en sociaal ontwerpbureau Snijboon.

De Herpak’kit is een gesprekstool die deelnemers helpt om:

  • vroege signalen te herkennen dat gezond gedrag onder druk staat
  • hobbels in het dagelijks leven te onderzoeken
  • te bepalen welke ondersteuning of aanpak kan helpen
  • een kleine, persoonlijke en uitvoerbare actie te kiezen
  • te evalueren wat werkt en de aanpak zo nodig bij te stellen

De tool is bedoeld om tijdens de GLI meerdere keren samen met een professional te gebruiken. Zo leren deelnemers een persoonlijke manier van ‘herpakken’ die zij na afloop van de GLI steeds zelfstandiger kunnen toepassen. De verdere verspreiding en toepassing van de Herpak’kit worden afgestemd met praktijk- en kennispartners.

Belangrijkste resultaten

Gezondheid en leefstijl bleven in de eerste negen maanden grotendeels stabiel

In werkpakket 1 zijn deelnemers gevolgd vanaf het einde van hun GLI tot negen maanden daarna. De BMI nam in deze periode gemiddeld licht af. De middelomtrek, het beweeggedrag, het eetgedrag en de ervaren kwaliteit van leven bleven op groepsniveau grotendeels stabiel. Er zijn in deze periode dus geen duidelijke aanwijzingen gevonden voor een algemene terugval.

De resultaten moeten wel voorzichtig worden geïnterpreteerd. Het gaat om een relatief kleine groep zonder controlegroep. Bovendien waren de meeste deelnemers vrouw en middelbaar of hoog opgeleid. De bevindingen laten daarom vooral zien hoe het deze onderzochte groep in de eerste negen maanden na de GLI verging. Ze geven geen uitsluitsel over effecten op langere termijn of over alle mensen die een GLI afronden.

Deelnemers noemden verschillende factoren die hen hielpen om gezond gedrag vol te houden. Het vaakst genoemd werden:

  • zichtbare resultaten van de veranderde leefstijl;
  • persoonlijke doelen voor ogen houden;
  • structuur in de dag of week;
  • zich beter voelen door de gezondere leefstijl;
  • herinneringen, afspraken of een andere ‘stok achter de deur’;
  • nieuwe gewoonten en steun uit de omgeving.

Gedragsbehoud vraagt om passende en toegankelijke ondersteuning

In werkpakket 2 zijn 17 voormalige GLI-deelnemers geïnterviewd. Daarnaast namen 22 leefstijlprofessionals deel aan vier focusgroepen. Uit deze gesprekken blijkt dat gezond gedrag na afloop van de GLI kwetsbaar kan worden wanneer structuur en ondersteuning wegvallen.

Sociale steun, vaste routines, vooruitdenken, plannen en merkbare voordelen van de gezondere leefstijl helpen deelnemers om veranderingen vol te houden. Belemmeringen zijn onder meer het wegvallen van groepscontact, verlies van structuur, stress, gedachten en emoties, lichamelijke klachten en het terugvallen in oude gewoonten. Welke ondersteuning helpt, verschilt per persoon en per situatie.

Veel deelnemers hebben behoefte aan enige vorm van contact na de GLI, bijvoorbeeld een kort evaluatiemoment, contact met mededeelnemers of een herinnering. Daarbij bestaat een verschil in verwachting: deelnemers hopen vaak dat de professional het initiatief neemt, terwijl professionals verwachten dat deelnemers zelf contact opnemen. Ook ontbreken structurele financiering en duidelijke afspraken over de organisatie van nazorg.

Digitale hulpmiddelen kunnen ondersteuning bieden, bijvoorbeeld bij zelfmonitoring, herinneringen en contact. Ze vervangen persoonlijke of sociale ondersteuning niet en moeten aansluiten bij de behoeften en vaardigheden van de gebruiker.

Deze kwalitatieve bevindingen beschrijven de ervaringen en behoeften van de geïnterviewde deelnemers en professionals. Ze laten zien welke ondersteuning als behulpzaam wordt ervaren, maar bewijzen niet dat één bepaalde vorm van nazorg voor iedereen effectief is.

Het onderzoeksteam

dr. Amber Rondertap

dr. Amber Rondertap

Senior gedragswetenschapper aan de Hogeschool Utrecht HU en leefstijlcoach

Francien Meester MSc.

Francien Meester MSc.

Onderzoeker gedrag en leefstijl HU

Nanette van der Spek MSc

Nanette van der Spek MSc

Fysiotherapeut-onderzoeker HvA

dr. Katja Braam

dr. Katja Braam

senior onderzoeker InHolland

dr. Daniël Bossen

dr. Daniël Bossen

Associate Lector eHealth & Beweeggedrag HvA

Publicaties

Uitgevoerd door

Gefinancierd door